Real life: ‘Nee, ik vind het niet gek dat mijn partner ook met andere vrouwen het bed deelt’

Een relatie met maar één iemand? Niet voor Loki de Jong.

Lees ook

Een relatie met maar één iemand? Niet voor Loki de Jong (25). Ze is polyamoreus en datet
naast haar vaste partner Wesley ook met andere mensen. ‘Je moet je jaloezie onder ogen durven te komen.’

Genoeg liefde

"Laatst had ik een date met Rob, en vlak voordat ik zou gaan, begon het keihard te plenzen buiten. Dus mijn partner, Wesley, stelde voor om me te brengen met zijn auto. Hij zette me af, gaf me een kus en zei: ‘Veel plezier, schat.’ En ik weet nog dat ik toen dacht: wat héérlijk. Dat we dit kunnen. Dat is voor mij echt een treasure moment. Ik pas niet in dat monogame plaatje van je bent met één iemand samen. Ik krijg het benauwd als ik daar aan denk. Ik wil vrijheid. Monogamie verstikt mij. Ik ben ervan overtuigd dat je als mens genoeg liefde hebt voor meer dan één persoon. Seksuele en emotionele gevoelens voor anderen hoeven de liefde voor je partner niet minder te maken. Sterker nog: ik denk dat een monogame relatie je kan beperken in de liefde. Ik vind het heerlijk om intiem te zijn met vrienden, bijvoorbeeld – door gewoon tegen een vriend of vriendin aan te liggen bij het kijken van een film. Of even hand in hand door de stad te lopen. Het hoeft ook niet per se op sex uit te lopen maar gewoon, die intimiteit: die ben je met anderen vaak kwijt zodra je voor één iemand gaat. Zonde.”

Eeuwige twijfel

“De afgelopen jaren heb ik twee monogame relaties gehad, en in allebei twijfelde ik: is dit wel iets voor mij? Ik bleef nieuwsgierig naar anderen. In mijn laatste monogame relatie heb ik gevraagd of mijn vriend een open relatie wilde. Hij zag dat niet zitten. We waren wel heel gek op elkaar en spraken daarom af: we beginnen monogaam en houden het gesprek erover open. Maar gaande- weg ontdekte ik: ik wil anderen kunnen ontmoeten zonder dat ik daarmee mijn relatie op het spel zet. Dat verlangen werd steeds groter, en uiteindelijk werd het een dealbreaker tussen mij en mijn vriend. Zodra die relatie drie jaar geleden voorbij was, heb ik uitgesproken dat ik polyamoreus was. Al mijn vrienden waren er meteen oké mee. Ze zijn open minded en ik was ook niet de enige polyamorist in de groep. Omdat ik een tijdje onafhankelijk wilde zijn, noemde ik mezelf in het begin ‘solopoly’. Dan heb je niet echt één of meerdere vaste partners. Ik ben daarom ook niet meteen gaan daten, maar op een gegeven moment ging ik naar een verjaardag van een vriendin, Nicole. Zij is getrouwd met Robert en heeft met een ándere man een kind. Het klikte tussen Robert en mij. Ik ben op dat feestje blijven hangen, en uiteindelijk blijven slapen. Er is niets gebeurd – behalve dat er flink is geflirt, over en weer, door Robert en mij. Een paar dagen later kreeg ik een appje van Nicole. Dat ze het zo fijn vond dat twee mensen die zij allebei leuk vond, elkaar zagen zitten. Toen ben ik met Robert gaan afspreken. Het was een paar maanden na het einde van mijn laatste monogame relatie. Robert en ik hadden direct een megaklik, mentaal, maar ook de sex was fantástisch. Soms vragen mensen me: ‘Maar vind je het dan niet gek dat je partner óók in bed ligt met jouw vriendin?’ Maar dat vind ik dus niet. Ik was ook niet bang dat hij ons met elkaar ging vergelijken – wie is mooier, leuker, beter, wat dan ook. Dat zit gewoon niet in mijn aard. En ook niet in Roberts aard, trouwens. Er veranderde bovendien niets tussen Nicole en mij, onze vriendschap is nog steeds hetzelfde. Nicole heeft de relatie van Robert en mij altijd aangemoedigd. In diezelfde periode ontmoette ik Luc. Ik datete met hem, ging met hem naar bed, sprak openlijk over Luc tegen Robert. Er ging een wereld voor mij open: dat dit oké is en gewoon mág! Heerlijk. Luc is het tegenovergestelde van Robert. Robert is het gevoelige, poëtische pianist-type, met wie ik urenlang naar muziek kan luisteren, over kunst praat, over de maatschappij. Met Luc kon ik altijd goed gin-tonics drinken en naar huisfeestjes gaan. Hij is zo’n typische, uitbundige social animal, hoe meer vrienden en hoe groter het feestje, hoe beter.”

Niet één grote orgie

“Een tijd lang had ik het beste van twee werelden en ik vond het fantastisch. Lekker afwisselend ook, in bed én buiten bed. Het is trouwens niet zo dat ik sex met beiden tegelijkertijd had. Had gekund, maar mensen gaan er vaak vanuit dat wij het altijd maar allemaal met elkaar doen. Het is niet bij voorbaat één grote orgie. Al zou dat zeker ook weleens kunnen ontstaan. Maar er moet wel een klik zijn en een behoefte tussen mensen. Elke polyamorist is weer anders. We hebben niet allemaal een niet te stillen honger naar sex. Er zitten voor mij ook maanden tussen dat ik helemaal geen sex heb. Vind ik prima. Mijn sexleven sprankelde met die twee. Had ik sex met de één, dan kon ik daarna ineens zomaar nóg meer zin hebben in de ander. Zowel liefde als lust kunnen vermenigvuldidg worden, kwam ik achter. Wel heb ik ook de keerzijde ervaren: het kan ook soms wat veel zijn om twee vaste mensen in je leven te hebben die jou willen – en jij hen. Ik merkte dat ik Robert vaker zag dan Luc. Dan komen er dus soms vragen: ‘Heb je ook nog tijd voor mij?’ Het kan gaan wringen. Luc en ik kwamen tegelijkertijd, na twee maanden relatie, daardoor tot de conclusie dat vrienden zijn beter in ons straatje paste. Hij heeft alweer een tijdje een relatie met een andere leuke vrouw en het doet mij goed om de vonken tussen die twee te zien.”

Immuun voor jaloezie

“Dat ik niet jaloers ben, hoeft natuurlijk niet altijd zo te zijn. Polyamoristen kunnen ook jaloezie ervaren. We zijn er niet immuun voor. Het is belangrijk dat onder ogen te durven komen, het gewoon benóémen. En beseffen dat als jouw partner het leuk heeft met iemand anders, dat niets over jullie samen zegt. Communicatie is essentieel. Zo ging ik een keertje met Robert naar de film. Toen mijn vriendin Nicole dat later te horen kreeg, vond ze dat moeilijk: zij had die film ook met Robert willen zien. Toen zag ik in hoe belangrijk praten is. Niet alleen met elkaar, trouwens, maar ook met je omgeving. Soms snappen mensen die monogaam zijn niets meer van mijn relaties. Die willen weten: maar met wie bén je nou?’ Dan kan ik best uitleggen wie ik meeneem naar de feestjes, en met wie ik ‘alleen’ leuke dates en spannende bedavonturen heb. Ook zo’n dingetje: met wie doe je het veilig en met wie niet? Ik wil zelf absoluut niet zwanger worden, maar wil ook geen hormonen in mijn lijf. Dus ik gebruik vaak condooms bij de penetratiesex, en andere handelingen doe ik onveilig. Ik vind het in principe prima als er twee mensen zijn die het onveilig met elkaar doen. Die weten dat ze vrij zijn van soa’s zijn doordat ze het alléén met elkaar onveilig doen. Dit vergt wel veel vertrouwen. Het is niet dat we helemaal losbandig zijn: je moet wel respect hebben voor elkaars grenzen en gezondheid.”

Te snel, te nieuwd

“Met Robert is het inmiddels sinds vorig jaar ook voorbij. Op een gegeven moment voel je dat iets niet meer werkt en dat is ook oké. Dat is niet anders dan in monogame relaties: liefde kan doven. Hoe mooi polyamorie ook voor mij is, ik weet inmiddels ook dat ik meer tijd voor mezelf moet inplannen. Al die liefdes zijn prachtig, maar je kan er ook een beetje in verdrinken. Niet dat ik continu met beiden aan het appen was hoor, of dat ik uit verwarring de verkeerde naam in bed zei, maar gewoon: er zitten meerdere mensen in je hoofd en hart en op een gegeven moment moest ik echt tegen mezelf zeggen: ‘Loki, je bent er zelf ook nog’. Nadat mijn relatie met Robert uit ging, eind vorig jaar, stuitte ik op een paar leuke en spontane ontmoetingen kort achter elkaar. Met één van hen klikte het heel goed: Wesley. We ontmoetten elkaar in een kroeg in Utrecht, er was een goeie vibe, een seksuele spanning. Toen ik hoorde dat hij ook polyamoreus was – het kwam op één of andere manier ter sprake – dacht ik echt: wát?! Ik bedoel: zo veel kom je er niet in het wild tegen. Het is nogal iets waar veel mensen van schrikken, of ze vinden het gek. Dat merk ik ook in mijn familie. Ik ben gelovig opgevoed. Ze vinden het thuis lastig. Want ja, ik doe het ook weleens met vrouwen, én ik wil niet trouwen, én ik wil geen kinderen. Huisje-boompje-beestje is alles behalve mijn toekomstbeeld. Dus in dat opzicht stel ik mijn ouders teleur. Maar dit is wie ik ben. En ik vind het jammer dat het zo’n beladen onderwerp is. We hebben het hier over liefde hoor. Dat is iets moois, toch? Sowieso zijn we in Nederland nog steeds heel goed in hokjesdenken: je bent in een relatie met z’n tweetjes. Punt. Denk aan de reclames met stelletjes: twee mensen, vaak een man en een vrouw. Of de loveseats in de bioscoop. Of bedden. Hoe vaak zie je een drie- persoonsbed? Trouwen mag legaal maar met één persoon. Twee-ouderschap is de norm. Een huis kopen met zijn drieën is zo goed als onmogelijk. Er is nog een lange weg te gaan. Wesley is voorlopig mijn enige vaste partner, we zien elkaar wel vier keer in de week. Hij datet ondertussen nog met drie andere vrouwen. Soms vertelt hij mij dan gekscherend dat het wel ‘veel werk’ is, dan is hij net drie uur bezig geweest om ons allemaal te appen of bellen. Ik vind het niet moeilijk dat hij meerdere mensen ziet. Hij krijgt heel veel energie van zijn andere dates, die energie springt dan vervolgens ook weer over op mij, en op ons als stel. We hebben ook wel struggles gehad, hoor. Eén van Wesleys vaste dates is Milou. Ik weet nog wel dat hij voor het eerst contact had met haar, en dat ik dat een tikkeltje intimiderend vond. Hij had het wel erg leuk met haar… Maar ik zag ook hoe vrolijk hij van haar werd, dus ik wilde haar wel een kans geven. Daarom hebben we een keer in de stad met z’n drietjes afgesproken en dat was gezellig. Milou en ik zijn daarna ook gaan appen. Toen was de muur tussen ons weg. Op hun tweede date werd ik uitgenodigd om na werk aan te sluiten. We gingen naar Wesleys huis en hebben een enorme leuke nacht gehad. Dat was heerlijk. We vinden alle drie bondage en kinky sex lekker en Milou en ik hebben Wesley goed onder handen genomen. Naderhand zaten we alledrie met een grijns van oor tot oor na te genieten. Op dat soort momenten besef ik: ik zou het niet anders willen. En ik zou ook niet meer terug kúnnen naar een monogame relatie, nu ik van deze seksuele en emotionele vrijheid heb geproefd. Toen Wesley en Milou met z’n tweeën lekker bezig waren, keek ik verderop toe, met een drankje en een sigaretje in mijn handen. Ik voel mij niet buitengesloten als zoiets gebeurt. Ik vind het zelfs opwindend om naar die twee te kijken.”

Niet vergelijken

“Het is denk ik, als je polyamoreus bent, de kunst om niet te vergelijken. Ja: je partner kan het leuk hebben met iemand anders, maar je partner heeft het óók leuk met jou. Iedereen brengt weer iets anders op tafel. Dat maakt het een feestje. The more the merrier. En tuurlijk: hoe meer relaties, hoe meer je uit elkaar kan groeien. Het idee dat de relatie met Wesley ooit kan stoppen, stemt me natuurlijk niet vrolijk. Mensen denken weleens dat je als polyamorist met gemak in en uit relaties stapt, maar mijn liefde voor Wesley is oprecht. Net als ieder ander stel hoop ik dat we nog lang in elkaars leven zijn. Ik vind het heerlijk hoe hij mij naar een date rijdt. Dat ik bij hem terechtkan. Dat we in onze vrijheid ook een bewuste keuze maken voor elkaar. Ik denk soms wel na over onze toekomst. Stel hij wil kinderen, dan kan dat – maar niet met mij. Ik heb geen kinderwens. Maar ik zal hem altijd supporten om het met een andere vrouw te doen. Dan ben ik voor de kinderen wel die leuke suikertante. En mocht het label ‘relatie’ niet meer werken, dan kijken we vanuit daar verder. Dat is het mooie: als je polyamorist bent, is er zó veel mogelijk. Ik zou het prachtig vinden als Wesley en ik, op wat voor manier dan ook, samen rimpelig en oud worden. Dat we dan samen wandelen door het park, de eendjes voeren, op een bankje neerstrijken. Met elkaar en met – voor mijn part – nog vijf andere mooie mensen.”

Tekst: Lisanne van Sadelhoff | Beeld: iStock

Bron: Lisanne van Sadelhoff | Beeld: iStock

Laatste nieuws

Zie ook