Je leest het ’t eerst op Grazia.nl

Vergeet de zweetsessie: waarom simpel wandelen (volgens deze arts) verrassend effectief is voor je vetverbranding

We zijn er massaal mee opgegroeid: het idee dat sporten pas telt als je buiten adem bent, rood aanloopt en het zweet van je voorhoofd gutst. "No pain, no gain", toch? Nou, misschien niet. Er is een stille revolutie gaande in fitnessland. Steeds meer experts zweren namelijk bij het tegenovergestelde. Wat blijkt? Als je puur kijkt naar het percentage vet dat je verbrandt, wint een stevige wandeling het vaak van een rondje hardlopen.

Vergeet de zweetsessie: waarom simpel wandelen (volgens deze arts) verrassend effectief is voor je vetverbranding

Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn. Hoe kan een ontspannen activiteit waarbij je nog gewoon een gesprek kunt voeren, effectiever zijn voor je vetreserves dan een intensieve hardloopsessie? Het antwoord ligt niet in de hoeveelheid calorieën die je totaal verbrandt, maar in de brandstoftank waar je lichaam uit put.

De 45% regel van Dr. Cascua

De Franse sportarts Dr. Stéphane Cascua heeft hier fascinerende cijfers over gepresenteerd die onze kijk op cardio nuanceren. Zijn analyse draait om de hartslagzone. Als je gaat hardlopen en tegen de grens van ademnood aan zit, schiet je hartslag omhoog. Je lichaam ervaart dit als intensief en heeft nu snelle energie nodig. Het grijpt dan direct naar je suikervoorraad (glycogeen).

Bij wandelen gebeurt er iets anders. Omdat de inspanning gematigder is, heeft je lichaam genoeg zuurstof beschikbaar om vetcellen af te breken en om te zetten in energie. Volgens Dr. Cascua komt tijdens een stevige wandeling maar liefst 45% van de verbrandde calorieën direct uit vet. Wandel je iets harder (joggen), dan zakt dat percentage al naar 35%. Kortom: met hardlopen verbrand je misschien meer calorieën in totaal, maar met wandelen spreek je relatief gezien efficiënter je vetreserves aan.

De fabel van 'plaatselijk verbranden' (en hoe het wél zit)

Laten we één ding gelijk helder hebben: je kunt niet kiezen waar je afvalt. 'Plaatselijk vet verbranden' bestaat niet; je verliest vet over je hele lijf. Toch is wandelen wel degelijk slim als je focust op je taille, en dat heeft alles te maken met hormonen.

Bij zeer intensieve duursport maakt je lichaam cortisol aan, het stresshormoon. Als je chronisch te veel cortisol in je lijf hebt, is je lichaam geneigd om vet vast te houden, met name rond de organen (viscerala vet). Wandelen werkt juist ontspannend en verlaagt je cortisolniveau. Je verbrandt dus vet zonder je lichaam in de 'stress-stand' te zetten, wat op de lange termijn zorgt voor een gezondere lichaamssamenstelling.

De magische grens van 30 minuten

Er is echter wel één belangrijke voorwaarde voor succes: je moet geduld hebben. Je lichaam is een soort dieselmotor; het duurt even voor de vetverbranding op volle toeren draait. De eerste twintig minuten teert je lichaam nog voornamelijk op de suikers uit je laatste maaltijd.

Pas na ongeveer 30 minuten aaneengesloten bewegen, schakelt je systeem echt over op de vetreserves. Dat is het moment waarop de winst gepakt wordt. Experts raden daarom aan om te streven naar een wandeling van een uur. In dat uur verbrand je – afhankelijk van je tempo (richt op 5 à 6 km/u) – al snel zo'n 240 tot 300 calorieën, waarvan dus een groot deel rechtstreeks uit je vetopslag komt.

Conclusie

Betekent dit dat hardlopen slecht is? Zeker niet, het is fantastisch voor je conditie. Maar als je doel puur is om vet te verliezen en strakker in je vel te zitten, hoef je jezelf echt niet elke dag af te beulen. Trek je wandelschoenen aan, loop een uur stevig door en laat je fysiologie het werk doen.

Body & Mind