De oppositie: 'Nederland gay friendly? Yeah, right...'

Bastiaan Rosman: ‘Ik hoor vaak dat ik ‘eigenlijk’ homo ben, maar ‘gewoon nog uit de kast moet komen’ 

"Het is pijnlijk dat ik niet honderd procent mezelf kan zijn."
Bastiaan Rosman

Vandaag is het Coming-Outdag. Speciaal voor deze belangrijke dag vertellen drie biseksuelen in de nieuwste Grazia over de vooroordelen waarmee ze moeten dealen. "De vooroordelen waar ik vaak mee te maken krijg? Dat biseksualiteit niet bestaat, dat biseksuelen niet te vertrouwen zijn en dat ze van twee walletjes eten", deelt Bastiaan Rosman.

Relaties

“Ik ben altijd samen met vrouwen en heb twee keer een relatie gehad met een meisje. Jongens vond ik wel knap, maar gevoelens? Nee dat niet. Het was überhaupt niet in me opgekomen dat ik op een jongen zou kúnnen vallen. Tot drieënhalf jaar geleden. Toen zoende ik tijdens het uitgaan voor het eerst met een jongen, ik was hartstikke dronken. Eerst dacht ik dat ik het voor de lol deed. Toen we die avond vaker zoenden, vermoedde ik dat er meer achter zat. Ik zie het morgen wel, dacht ik."

"De volgende ochtend, nuchter, vond ik de zoen nog steeds leuk. Mijn beste vriendin zei dat ik misschien op jongens en meisjes viel. Ik dacht: o, dat kan dus óók? Ik schaamde me er niet voor, vertelde het meteen aan mijn ouders tijdens het eten. ‘Volgens mij val ik óók op jongens, maar ik snap het ook niet precies’, zei ik. Allebei reageerden ze dat dat helemaal prima was. Ze zeiden: ‘Als jij gelukkig bent, zijn wij dat ook.’ Heel fijn."

"Ook mijn vrienden vonden het allemaal prima. Ik downloadde Tinder, zette ’m op vrouwen én mannen. Eigenlijk was daarvan mijn doel om sex te hebben met een jongen – ik wilde erachter komen hoe dat was. Tijdens mijn eerste Tinderdate was ik héél zenuwachtig. Ik was enorm dronken, vroeg steeds of-ie mee naar huis ging. Ik dacht dat elke homo meteen wilde seksen – zó’n vooroordeel. Natuurlijk heb ik het totaal bij hem verknald."

"Inmiddels ben ik al een tijdje samen met mijn huidige vriend. Hij accepteert het honderd procent dat ik bi ben. Zelf is hij nog zoekende. Als hij ook biseksueel zou zijn? Dat zou ik top vinden. Met jongens heb ik een iets betere klik, maar ik kan me seksueel nog erg aangetrokken voelen tot een vrouw. Wie weet staat over twintig jaar de vrouw van mijn dromen voor m’n neus."

Vooroordelen

"De vooroordelen waar ik vaak mee te maken krijg? Dat biseksualiteit niet bestaat, dat biseksuelen niet te vertrouwen zijn, dat ze van twee walletjes eten, dat ik eigenlijk homo ben maar ‘nog uit de kast moet komen.’ Ik laat het lekker gaan. Waarom zou ik daar energie insteken? Hoewel ik me allesbehalve schaam voor mijn biseksualiteit, vind ik het lastig om aan onbekenden te vertellen dat ik bi ben. Als ik eerder met een vrouw zoende of sex had, vertelde ik meestal niet over mijn biseksualiteit. Toch uit angst dat ik niet geaccepteerd word. Tuurlijk is het pijnlijk dat ik niet honderd procent mezelf kan zijn. Zo presenteerde ik het tv-programma Drugslab, maar daar heb ik nooit durven uiten dat ik bi ben. Mensen dachten dat ik met Nellie, mijn vrouwelijke collega, een relatie had. Prima, dacht ik. Ik hou m’n mond en blijf in dat hetero-hokje zitten, daar is het veilig."

"Ik heb nooit een rolmodel gehad dat biseksueel is – daarom ga ik nu een documentaire over biseksualiteit maken. Hoe cool zou het zijn als jongeren later zeggen: mijn rolmodel? Dat is Bastiaan Rosman. Zodat mensen weten dat ze niet de enige zijn, zodat ze zich niet hoeven te schamen. Dat zou mooi zijn.”

Benieuwd naar de verhalen van Bete en Mercedes? Je leest het in Grazia. Nu in de winkel!

window._taboola = window._taboola || []; _taboola.push({ mode: 'alternating-thumbnails', container: 'taboola-below-article-5f9771f08e92d', placement: 'Below Article Thumbnails', target_type: 'mix' });